Weer vrijen
Na de behandeling van baarmoederhalskanker is de eerste poliklinische controle, ongeveer zes weken na ontslag uit het ziekenhuis. In verband met de wondgenezing wordt meestal geadviseerd om tot dat moment te wachten met geslachtsgemeenschap. In medisch opzicht zijn er geen bezwaren tegen seksuele opwinding, masturberen of het krijgen van een orgasme (klaarkomen).
Voorop staat dat u voor uzelf moet bepalen wanneer u aan vrijen toe bent en op welke wijze u dat wilt. Het is belangrijk om dit met uw partner te bespreken. Geborgenheid, warmte en lichamelijk dicht bij elkaar zijn, zijn voor u wellicht belangrijker dan seksuele opwinding.
Gevolgen van de behandeling
De behandeling van baarmoederhalskanker heeft op seksueel gebied gevolgen die van vrouw tot vrouw verschillen. Als er beperkingen op seksueel gebied zijn gekomen, zal ook uw partner zich moeten aanpassen. Uw relatie kan hierdoor onder druk komen te staan. Al is het soms moeilijk om er woorden voor te vinden, het kan helpen om elkaar te vertellen waar u op dat moment behoefte aan heeft en waarover u zich onzeker voelt. Zo schept u een sfeer van vertrouwen, waarin u samen kunt zoeken naar nieuwe mogelijkheden.
Een aantal gevolgen waarmee u - maar ook uw eventuele partner - mogelijk te maken krijgen, kan de seksualiteit (tijdelijk) beïnvloeden:
Lichamelijke gevolgen
Door de behandeling kan een tekort aan geslachtshormonen ontstaan, waardoor de zin in vrijen is afgenomen. Sommige vrouwen doen er langer over om seksueel opgewonden te raken omdat de prikkeling vanuit de buik is afgenomen of veranderd. Ook streling van de borsten leidt soms tot minder opwinding dan voorheen. Bij veel vrouwen bij wie de baarmoeder is verwijderd verandert het orgasme (klaarkomen). Dat geldt vooral voor vrouwen die bij het orgasme altijd hevige samentrekkingen van en rond de baarmoeder voelden.
Sommige vrouwen ervaren het wegvallen van dit gevoel alleen vlak na de operatie, voor anderen is het een blijvend gemis. Er zijn ook vrouwen die deze samentrekkingen blijven voelen, ondanks de operatie. Voor vrouwen die het orgasme vooral in de buurt van de kittelaar (clitoris) en de binnenkant van de vagina voelden, zal het klaarkomen na de operatie meestal niet veel veranderen.
Als gevolg van de behandeling wordt tijdens seksuele opwinding de vagina bij sommige vrouwen minder vochtig. Daardoor kan geslachtsgemeenschap pijnlijk zijn. Meestal is een glijmiddel een goede oplossing. Glijmiddelen zijn bij de apotheek of bij de drogist verkrijgbaar.
Na (inwendige) bestraling is het mogelijk dat het bovenste deel van de vagina stugger, droger en wat korter wordt. Dit treedt meestal op in de loop van de maanden na de bestraling. Om dit tegen te gaan, kan het verstandig zijn om zolang u nog niet regelmatig geslachtsgemeenschap heeft hulpmiddelen te gebruiken om de vagina beetje bij beetje op te rekken. Uw arts kan u hierover meer informatie geven. Soms ook is een glijmiddel een goede oplossing.
Ook door onzichtbare gevolgen van de ziekte of behandeling, zoals vermoeidheid, kan uw behoefte aan seks minder zijn.
Psychische gevolgen
Wanneer er als gevolg van de behandeling seksuele problemen ontstaan, kunnen deze ook psychisch van aard zijn. Uw beleving van seksualiteit en uw gevoel van vrouw-zijn kan door de behandeling veranderd zijn. De ene vrouw ervaart dat sterker dan de andere.
Niet alleen de uitgebreidheid van de behandeling die u heeft ondergaan speelt een belangrijke rol, maar ook de relatie met uw partner en hoe de seksuele beleving was vóór de behandeling.
Daarbij komt nog eens de emotionele verwerking van het (gehad) hebben van kanker. De diagnose van de ziekte brengt voor veel mensen gevoelens van angst en onzekerheid met zich mee. Ook schaamte en machteloosheid kunnen de zin in seks beïnvloeden. Soms ook kan er een samenhang zijn tussen seksuele problemen en relatieproblemen.
Relatie
Na de behandeling zal u met uw partner opnieuw moeten ontdekken en ervaren wat op seksueel gebied kan én wat plezierig is. Dat kost tijd; misschien meer dan u had verwacht.