Skip Navigation LinksKanker Soorten kanker Onderzoek borstkanker

Onderzoek borstkanker

Om de kans op vroege ontdekking van borstkanker te vergroten, krijgen vrouwen tussen de 50 tot en met 75 jaar in Nederland elke twee jaar een uitnodiging voor het bevolkingsonderzoek borstkanker (screening). Bij dit bevolkingsonderzoek worden röntgenfoto's van de borsten (mammografie) gemaakt. De huisarts ontvangt de uitslag van dit onderzoek. Wanneer er op de röntgenfoto's een afwijking is geconstateerd, zal hij contact met u opnemen en u vertellen wat er op de foto's is gezien. Uw huisarts zal u dan voor nader onderzoek verwijzen. 
 

Video

Wilt u weten hoe een mammografie (röntgenfoto's van de borsten)  wordt gemaakt, bekijk dan hieronder de video. 



Wanneer u zelf een voelbare of zichtbare verandering in of aan uw borst ontdekt, is het verstandig daarmee naar uw huisarts te gaan. Borstafwijkingen zijn meestal onschuldig en goedaardig, maar kunnen ook door kanker veroorzaakt worden. Uw huisarts zal uw borsten zorgvuldig bekijken (inspectie) en bevoelen (palpatie) en onderzoeken of er opgezette lymfeklieren zijn in uw oksels of in uw hals. Zo nodig zal hij u verder onderzoek adviseren of u meteen verwijzen naar een chirurg of een mammapoli.

Een groot aantal ziekenhuizen heeft tegenwoordig zo'n mammapoli ('mamma' betekent borst). Op een mammapoli werkt een team van specialisten (vaak: een chirurg, radioloog, patholoog, radiotherapeutoncoloog, internist-oncoloog, nucleair geneeskundige) samen met gespecialiseerde verpleegkundigen (mammacareverpleegkundigen en/of nurse practitioners mammacare).

Op een mammapoli kan (een deel van) het benodigde onderzoek op één dag plaatsvinden. Vaak is de uitslag van dat onderzoek nog dezelfde dag bekend.
 
Hierna komen de onderzoeken aan de orde die in het ziekenhuis kunnen plaatsvinden. 
 

Lichamelijk onderzoek

Net als de huisarts zal de chirurg uw borsten zorgvuldig bekijken (inspectie) en bevoelen (palpatie) en onderzoeken of er opgezette lymfeklieren zijn in uw oksels of in uw hals.
 

Mammografie

Een mammografie is een röntgenfoto van de borsten. Hierop zijn weefselveranderingen van enkele millimeters te zien. Dit zijn vaak afwijkingen die nog niet voelbaar zijn. Om het borstweefsel goed te kunnen zien en beoordelen moet de borst tussen twee kunststofplaten worden platgedrukt. Dit kan vervelend en pijnlijk zijn. Als u merkt dat het aandrukken te pijnlijk wordt, moet u dit beslist tegen de laborant zeggen.
Ook als er al een mammografie is gemaakt tijdens het bevolkingsonderzoek, wordt in het ziekenhuis vaak nogmaals een mammografie gemaakt. 
 

Echografie

Bij echografie van de borst kunnen eventuele veranderingen in het borstweefsel in beeld worden gebracht. Ook kunnen zo de aard en de grootte van de borstafwijking worden vastgesteld.
Bij de echografie (van de borst) wordt ook de oksel bekeken om eventuele afwijkingen in de okselklieren te onderzoeken. Als er een afwijking in de oksel aan het licht komt, kan uw arts besluiten om met een punctie een stukje weefsel uit de okselklierweg te nemen voor nader onderzoek.
 

Zie ook:

 

Punctie

Wanneer de uitkomsten van dit microscopisch onderzoek, samen met de uitkomsten van de eerdergenoemde onderzoeken, niet wijzen op kwaadaardigheid en de borstafwijking helemaal is opgehelderd, bespreekt de chirurg met u het vervolg.
 
Vaak hoeft er niets meer te gebeuren, maar soms is verdere controle noodzakelijk of is het toch verstandig om de afwijking operatief te verwijderen.
 
In het geval van een cyste (een goedaardige aandoening, waarbij een holte met vocht gevuld is) kan met de punctie (het wegzuigen van het vocht) de cyste meteen behandeld zijn.
 
Wanneer er te weinig zekerheid is over de aard van de afwijking, zal de chirurg altijd verder onderzoek adviseren.
 

Biopsie

Vaak wordt de zogenoemde dikkenaaldbiopsie gedaan. Na een plaatselijke verdoving maakt de arts een klein sneetje, brengt daardoor in het weefsel een holle naald in en verwijdert een dun pijpje weefsel (of meerdere pijpjes weefsel).
 
Als de biopsie met de dikke naald niet mogelijk is, dan moet tijdens een operatie het verdachte weefsel uit de borst worden verwijderd. Hiervoor is een korte ziekenhuisopname noodzakelijk.

Voorafgaand aan de operatie markeert de radioloog in de borst de afwijking met behulp van een metalen draadje of een beetje radioactieve vloeistof. Zo wordt zichtbaar welk stukje weefsel verwijderd moet worden. Dit markeren gebeurt onder röntgendoorlichting of met behulp van echografie.
 
Bij de meeste patiënten is een operatie niet nodig. Bij vrouwen bij wie de afwijking zó klein is dat deze niet voelbaar is, zal men de biopsie doorgaans proberen uit te voeren onder röntgendoorlichting. Zo'n heel kleine afwijking bestaat meestal uit een groepje kalkspatjes (microcalcificaties). Die worden nogal eens ontdekt bij vrouwen die aan het bevolkingsonderzoek hebben deelgenomen.
 
Een patholoog onderzoekt het verkregen weefsel onder de microscoop: histologisch onderzoek. Daarmee is de definitieve diagnose te stellen.
 

Zie ook

 

Verder onderzoek

Als is vastgesteld dat de afwijking kwaadaardig is, is behandeling nodig. Voordat uw arts(en) of het mammateam kunnen bepalen welke behandeling zij u kunnen voorstellen, moeten zij een beeld hebben van:
 
  • de grootte van de tumor;
  • de mate van doorgroei in het omliggende weefsel;
  • de aanwezigheid van uitzaaiingen in de lymfeklieren.
 
De onderzoeken die hierboven zijn beschreven, leveren vaak al de benodigde informatie. Soms is aanvullend onderzoek nodig om de uitgebreidheid van de ziekte te bepalen.
Dit gebeurt:
 
  • bij onduidelijkheid over de grootte of de uitbreiding van de tumor in de borst;
  • als er veel lymfeklieruitzaaiingen zijn gevonden;
  • als de tumor groter is dan 5 centimeter;
  • bij uitgebreide vergrote lymfeklieren in de oksel en/of boven het sleutelbeen;
  • bij een tumor die in de huid of in de borstwand is ingegroeid;
  • bij klachten die wijzen op uitzaaiingen elders in het lichaam.
 
In deze situaties is het risico namelijk groter dat er uitzaaiingen elders in het lichaam zijn.
 
De volgende onderzoeken kunnen plaatsvinden:
  • MRI (Magnetic Resonance Imaging)
    Soms is een MRI van de borst nodig om de precieze uitbreiding van de tumor in de borst vast te stellen. Dit kan van belang zijn bij de keuze voor een borstsparende behandeling of een neo-adjuvante behandeling.
  • Skeletscintigrafie
  • Echografie
    Met behulp van een echografie kunnen eventuele uitzaaiingen in de lever in beeld worden gebracht. Bij een echografie van de lever is het soms noodzakelijk dat u enkele uren voor het onderzoek niet eet en drinkt.
  • X-thorax (longfoto)