In ons land wordt elk jaar bij ongeveer 3.860 mensen een non-Hodgkin-lymfoom vastgesteld. De ziekte komt vooral voor bij mensen die ouder zijn dan 45 jaar, maar kan op elke leeftijd voorkomen.
Naar verhouding komt de ziekte iets meer voor bij mannen dan bij vrouwen.
Er bestaan verschillende soorten kanker van
het lymfestelsel, zoals het
Hodgkin-lymfoom. Bij deze ziekte treedt abnormale celgroei op van een afwijkende lymfekliercel (lymfocyt) die al in 1832 werd beschreven door de Engelse arts Thomas Hodgkin.
Later is men andere soorten lymfeklierkanker gaan onderscheiden die duidelijk verschillen van de vorm die Hodgkin had beschreven. Deze soorten worden non-Hodgkin-lymfomen genoemd (non = niet).
Alle soorten lymfeklierkanker samen, dus zowel het Hodgkin-lymfoom als de non-Hodgkin-lymfomen, worden maligne lymfomen (maligne = kwaadaardig; lymfomen = gezwellen van het lymfestelsel) genoemd. Ongeveer 85% van de maligne lymfomen zijn non-Hodgkin-lymfomen.
Er bestaan ruim dertig vormen van non-Hodgkin-lymfomen. Zij verschillen van elkaar door de soort lymfocyt die is gaan woekeren. Onderling vertonen de ruim dertig vormen vaak duidelijke verschillen in ziekteverloop en behandeling.
Een non-Hodgkin-lymfoom ontstaat meestal in een lymfeklier. Dit is bij ongeveer tweederde van de
patiënten het geval.
Bij ruim eenderde van de patiënten begint de ziekte ergens anders in het lichaam, meestal in andere delen van het lymfestelsel, bijvoorbeeld in het lymfeweefsel in de maag, in de longen of in de schildklier.
Verspreiding
Lymfekliercellen circuleren van nature in het bloed en in de lymfe. Op deze manier verplaatsen die cellen zich in het lichaam.
Non-Hodgkin-lymfomen verspreiden zich ook zo. Daarom worden non-Hodgkin-lymfomen nogal eens op verschillende plaatsen in het lichaam aangetroffen - zowel in als buiten het lymfeklierweefsel - bijvoorbeeld in de lever, de huid of de maag. Zelden komen ze zelfs buiten het lymfestelsel voor, zoals in de hersenen.
Groeisnelheid
Non-Hodgkin-lymfomen worden ingedeeld in twee groepen. Dit onderscheid is belangrijk voor het kunnen opstellen van het juiste behandelplan. De twee groepen verschillen in mate van kwaadaardigheid (maligniteits-graad) door een verschil in groeisnelheid.
Indolente non-Hodgkin-lymfomen
Deze lymfomen bestaan uit cellen die langzaam groeien. Deze non-
Hodgkin-lymfomen worden ook wel lymfomen met een lage maligniteitsgraad genoemd. Ongeveer de helft van de patiënten heeft deze vorm.
Agressieve non-Hodgkin-lymfomen
Deze lymfomen bestaan uit cellen die snel groeien. Deze non-Hodgkin-lymfomen worden ook wel lymfomen met een hoge maligniteitsgraad genoemd. Ongeveer de helft van de patiënten heeft deze vorm.
Een indolent non-Hodgkin-lymfoom kan soms in de loop van de tijd overgaan in een agressief lymfoom.
Type cellen
Naast de groeisnelheid, is het belangrijk om vast te stellen uit welk type cellen het non-Hodgkin-lymfoom bestaat: B-lymfocyten of T-lymfocyten. Dit onderscheid is vooral bepalend bij de keuze voor
immunotherapie.
Een B-cel non-Hodgkin-lymfoom is de meest voorkomende vorm.
Zowel B-cel non-Hodgkin-lymfomen als T-cel non-Hodgkin-lymfomen kunnen indolent of agressief zijn.
Oorzaken
Over het ontstaan van non-Hodgkin-lymfomen is nog niets met zekerheid bekend.
Non-Hodgkin-lymfomen zijn, evenals alle andere soorten kanker, niet besmettelijk.